Uitleg regeling StiPP

Er bestaan verschillende soorten pensioenregelingen. Het kan daarom per pensioenuitvoerder verschillen op welke manier uw pensioen wordt opgebouwd. De meest voorkomende regelingen zijn de Defined Benefit-regeling (DB) en de Defined Contribution-regeling (DC). StiPP biedt alleen een DC-regeling aan. Deze regeling wordt ook wel de beschikbare-premieregeling genoemd. Het verschil tussen beide regelingen zit bijvoorbeeld in wie de risico’s draagt en in de voorspelbaarheid van de hoogte van de pensioenuitkering. In onderstaande tabel leest u wat de verschillen tussen deze twee regelingen zijn. Onder de tabel leest u nog meer toelichting.

DC-regeling

DB-regeling

De pensioenuitkering staat voor de pensioendatum niet vast en is afhankelijk van beleggingsresultaten De pensioenuitkering staat voor de pensioendatum (redelijk) vast
Beleggingsrisico’s worden individueel gedragen Beleggingsrisico’s worden collectief gedeeld
Het uitgangspunt is de ingelegde premie Het uitgangspunt is een (vooraf) bepaalde pensioenaanspraak
U kiest op de pensioendatum tussen een stabiele of variabele pensioenuitkering Op pensioendatum is alleen een stabiele pensioenuitkering mogelijk

Door het in 2020 gesloten Pensioenakkoord gaan DB-regelingen in de toekomst verdwijnen.

Uitleg DC-regeling

Dit wordt ook wel een beschikbare-premieregeling genoemd. Bij een DC-regeling is de hoogte van het kapitaal van de pensioendeelnemer afhankelijk van de beschikbare (ingelegde) premie en de beleggingsresultaten. Pas wanneer u met pensioen gaat wordt de hoogte van de (levenslange) pensioenuitkering vastgesteld. We leggen u dit verder uit aan de hand van een 4-tal fases.

Fase 1: Betalen pensioenpremie

Op basis van uw salaris betaalt uw werkgever een pensioenpremie. In de Plusregeling wordt een deel van de pensioenpremie ingehouden op uw loon. Cao-partijen stellen de hoogte van de te betalen pensioenpremie vast. Voor de Basis- en Plusregelingen gelden onderstaande rekensommen voor het berekenen van de te betalen pensioenpremie. De franchise is het deel van uw salaris waarover u geen pensioen opbouwt en waarover u dus ook geen premie betaalt.


Basisregeling:
Bruto salaris x premiepercentage* = premiebedrag
Het premiepercentage in de Basisregeling is vastgesteld op 2,6%.

Deze pensioenpremie betaalt uw werkgever volledig.

Plusregeling:
 (Bruto salaris – franchise) x premiepercentage* = premiebedrag
*Het premiepercentage in de Plusregeling is vastgesteld op 12%.

Deze pensioenpremie betaalt u samen met uw werkgever, waarbij u maximaal 1/3e betaalt. Omdat StiPP een verplichtgesteld bedrijfstakpensioenfonds is, geldt er een doorsneepremie. Deze is 12%. Dit betekent dat het te betalen premiepercentage voor iedereen gelijk is, ongeacht zijn of haar leeftijd.
Fase 2: De beschikbare premie voor de deelnemer

Voor elke actieve deelnemer wordt maandelijks de beschikbare premie toegevoegd aan het opgebouwde pensioenkapitaal. Deze premie is niet de premie die bij fase 1 vermeld is. Hoe hoog de beschikbare premie is, is afhankelijk van de pensioenregeling waarin u deelneemt. In de Basisregeling is er sprake van een leeftijdsonafhankelijke beschikbare premie. In de Plusregeling is de beschikbare premie vastgesteld op basis van een leeftijdsafhankelijke staffel.  Als u jong bent, heeft uw kapitaal nog veel tijd om te groeien. Er wordt dan minder premie aan uw pensioenkapitaal toegevoegd. Als u ouder wordt, dan storten we juist meer premie, de beschikbare premie is dan hoger.   

Basisregeling:
(Bruto salaris – franchise) x beschikbare premiepercentage* = bedrag dat aan het pensioenkapitaal wordt toegevoegd (=beschikbare premie).
* In de Basisregeling is het percentage onafhankelijk van leeftijd en vastgesteld op 4,2%

Plusregeling:
(Bruto salaris – franchise) x beschikbare premiepercentage* = bedrag dat aan het pensioenkapitaal wordt toegevoegd (=beschikbare premie).
* In de Plusregeling is het percentage afhankelijk van de leeftijd (staffel)
Fase 3: Pensioenkapitaal wordt belegd

Uw opgebouwde pensioenkapitaal beleggen wij. Wij beleggen uw geld, omdat dit naar verwachting meer oplevert dan sparen. Dit beleggen doen we met een beleggingsmix. Als u jong bent, nemen we meer risico met het beleggen van uw kapitaal dan als u al wat ouder bent. Meer risico levert vaak meer rendement op. Maar ook meer onzekerheid over de hoogte van uw uiteindelijke pensioen. Door minder risicovol te beleggen als u wat ouder bent, weet u redelijk zeker welk pensioen u gaat ontvangen als u met pensioen gaat.

Op onze website en via onze e-nieuwsbrief beleggingsresultaten kunt u zien wat het rendement op de beleggingen is in uw leeftijdscategorie. We publiceren de resultaten één keer per kwartaal, maar op uw beleggingsrekening wordt het rendement maandelijks bijgeschreven.

 Fase 4: Aankopen van pensioen op pensioendatum
Met uw pensioenkapitaal koopt u op pensioendatum een levenslange pensioenuitkering aan. Hoeveel jaarlijks pensioen u krijgt voor uw kapitaal wordt bepaald door de inkoopfactoren. Deze worden maandelijks vastgesteld. De inkoopfactoren zijn afhankelijk van:
- de rente;
- de levensverwachting;
- de verhouding man/vrouw bij pensioenfonds StiPP;
- de benodigde bufferopslag 

Daarnaast kunt u als u met pensioen gaat, kiezen tussen een stabiele of variabele uitkering. Bij een stabiel pensioen weet u welk bedrag u de rest van uw leven elke maand ontvangt.  Bij een variabele uitkering wordt uw pensioenkapitaal nog steeds belegd. De hoogte van uw uitkering is dan afhankelijk van beleggingsrendementen en kan dus jaarlijks wijzigen. 

Rekenvoorbeelden DC-regeling

Basisregeling

Marja is 36 jaar en werkt als uitzendkracht. Zij verdient € 17,50 bruto per uur en werkt 32 uur per week. Per 4 weken verdient zij dus 4 x 32 x € 17,50 = € 2.240. De franchise per 4 weken is voor haar 4 x 32 x € 7,01 = € 897,28

 

Voorbeeld Marja

Berekening + bedrag

Premie

€ 2.240 x 2,6% = € 58,24

Pensioenopbouw

(€ 2.240 - € 897,28) x 4,2% = € 56,39*

* Dit bedrag wordt belegd. Hierover wordt rendement behaald

Marja besluit op haar 65e met pensioen te gaan. Marja heeft geen partner en koopt dus alleen maar ouderdomspensioen in. Stel dat haar kapitaal  op dat moment € 25.000 bedraagt. De inkoopfactor voor alleen ouderdomspensioen op 65 bedraagt op het moment dat zij met pensioen gaat 24,342. Dit betekent dat zij een jaarlijks levenslang pensioen krijgt van € 25.000 : 24,342 = € 1.027,03.

Lees meer over de Basisregeling

Plusregeling:

Jan is 51 jaar en werkt als uitzendkracht. Hij verdient € 17,50 bruto per uur en werkt 32 uur per week. Per 4 weken verdient hij dus 4 x 32 x € 17,50 = € 2.240. De franchise per 4 weken is voor hem 4 x 32 x € 7,01 = € 897,28.

Voorbeeld Jan

Berekening + bedrag

Premie

(€ 2.240 - € 897,28) x 12% = € 161,13

Pensioenopbouw

(€ 2.240 - € 897,28) x 14,0%* = € 187,98**

*Dit het beschikbare premiepercentage voor een 51-jarige

** Dit bedrag wordt belegd. Hierover wordt rendement behaald

Jan besluit op zijn 67e met pensioen te gaan. Jan heeft wel een partner en besluit een ouderdomspensioen met een partnerpensioen van 70% van het ouderdomspensioen te kopen. Stel dat zijn pensioenkapitaal op dat moment € 30.000 bedraagt. De inkoopfactor voor ouderdomspensioen en een partnerpensioen op 67 is op het moment dat hij met pensioen gaat 27,440. Dit betekent dat hij een levenslang pensioen krijgt van € 30.000 / 27,440 = € 1.093,29 per jaar. Als hij overlijdt, dan krijgt zijn partner een jaarlijks levenslang partnerpensioen van 70% van € 1.093,29 = € 765,30.

Lees meer over de Plusregeling

Wilt u de hoogte van uw pensioenkapitaal weten?

Jaarlijks krijgt u tussen mei en september een pensioenoverzicht waarop u de hoogte van uw opgebouwde pensioenkapitaal en de te verwachten pensioenuitkering kunt zien. Daarnaast vindt u op Mijn StiPP Pensioen altijd de actuele stand van zaken.