Overgang naar de Plusregeling

Als u start bij StiPP, bouwt u pensioen op in de Basisregeling. Als u vervolgens 52 weken heeft gewerkt, gaat u over naar de Plusregeling. U hoeft hiervoor zelf niets te doen. Uw werkgever kan u ook eerder aanmelden voor de Plusregeling. Uw werkgever kan er voor kiezen om dit voor alle werknemers te doen (dat heet een collectieve afspraak). Of dit per werknemer in de arbeidsovereenkomst vastleggen. 

Wat verandert er als u naar de Plusregeling gaat?

In de tabel hieronder leest u in het kort wat u in de Basisregeling en de Plusregeling krijgt. Onder de tabel leest u meer uitleg.

Basisregeling

Plusregeling

De pensioenpremie is 2,6%* van uw pensioengevend salaris. Deze betaalt uw werkgever volledig.

De pensioenpremie is 12% van uw pensioengrondslag. U betaalt hiervan maximaal 4% zelf.

De inleg voor uw pensioen is voor iedereen gelijk: 4,2%* van uw pensioengrondslag.

De inleg voor uw pensioen is afhankelijk van uw leeftijd (minimaal 4,2%, maximaal 25,7%, van uw pensioengrondslag).

Er is recht op partnerpensioen als u bent getrouwd of een geregistreerd partnerschap heeft.

Er is recht op partnerpensioen als u bent getrouwd, geregistreerd partnerschap heeft of een samenlevingsovereenkomst heeft.

Het maakt niet uit of u wel of niet werkt in de branche en actief pensioen opbouwt bij StiPP als u overlijdt. Het partnerpensioen is even hoog. 

Er is recht op extra partnerpensioen als u overlijdt terwijl u nog werkt en pensioen opbouwt bij StiPP. 

Als u arbeidsongeschikt raakt, stopt uw pensioenopbouw.

Als u arbeidsongeschikt raakt, blijft u als u aan bepaalde voorwaarden voldoet, pensioen opbouwen.

* Dit wijzigt per 1 januari 2023 naar 8% van de pensioengrondslag.

**Dit wijzigt per 1 januari 2023 naar 7,3% van de pensioengrondslag.
Lees meer over deze wijzigingen

In de Plusregeling betaalt u ook zelf premie

In de Plusregeling gaat u zelf een eigen bijdrage betalen. Uw werkgever houdt dit in van uw brutoloon. 

In de Plusregeling is de inleg afhankelijk van uw leeftijd.

Hoe ouder u bent, hoe meer geld er wordt ingelegd voor uw pensioen. De percentages per leeftijdsgroep en een voorbeeldberekening vindt u hier.

Samenwonende partner krijgt recht op partnerpensioen

In de Plusregeling geldt dat als u officieel samenwoont, uw partner ook gezien wordt als nabestaande. U moet dan wel minimaal 6 maanden op hetzelfde adres wonen en een samenlevingscontract hebben. Als u deelneemt aan de Basisregeling wordt uw samenwoonpartner niet als nabestaande gezien. Huwelijken en geregistreerde partnerschappen worden bij de gemeente geregistreerd. Deze krijgt StiPP automatisch door via de gemeente. Als u samenwoont, wordt uw partner niet geregistreerd. Dat is ook niet nodig. StiPP controleert namelijk pas als u overlijdt of er een partner is die recht heeft op nabestaandenpensioen. 

Extra nabestaandenpensioen tijdens uw deelname aan de Plusregeling van StiPP

Als u overlijdt tijdens uw deelname aan de pensioenregeling van StiPP, krijgen uw partner en/of kind ook een aanvullende uitkering. U bent hiervoor automatisch verzekerd. Uw partner en/of kind krijgen hierdoor een hogere uitkering. De verzekering stopt als uw niet meer deelneemt aan de pensioenregeling bij StiPP. Overlijdt u na deelname aan de pensioenregeling? Dan krijgen uw partner en/of kind geen aanvullend nabestaandenpensioen. 

Het pensioen als u arbeidsongeschikt raakt

Als u een pensioenkapitaal opbouwt in de Plusregeling en u raakt arbeidsongeschikt, blijft u mogelijk pensioenkapitaal opbouwen. U hoeft daarvoor dan geen premie te betalen. Lees meer over arbeidsongeschiktheid.

Terug naar alle levensgebeurtenissen